Het Landgoed Kranenhout stamt uit het begin van de 18e eeuw. In die periode was dit een buitenplaats met boerderij met ‘herenkamer’. De eigenaresse van Kranenhout Johanna van Schuyl had als voorwaarde gesteld in 1729 in het pachtcontract dat zij ‘naar believen de groote kamer kan gebruiken’. Het Landgoed werd kort daarop door de nieuwe eigenaar Maximiliaan van Berchem uitgebreid met een herenhuis ‘met uitzicht op den toren van den Brielsche Catharinakerk’. In 1741 breidde het landgoed verder uit met meerdere hectaren en werd er een tweede huis gebouwd. Het was een voor die tijd typisch Landgoed met bos, weide, akker en fruitbomen met een boerderij met verblijf voor de knechten en met een Herenhuis voor de eigenaar. Een kleine ‘staat’ op zichzelf.
In 1893 wordt het geheel verkocht en in 1901 wordt het Herenhuis afgebroken na bijna 150 jaar en verloor Kranenhout haar echte landgoed functie. In 1901 komt de grond in handen van de Brielse notaris L.P. van den Blink. Deze notaris probeerde het Landgoed weer te herstellen en kocht een naburige boerderij en liet in stijl en traditie hierin een herenkamer inrichten.
Tegenwoordig is Kranenhout al weer langere tijd familie bezit. Deze familie heeft stukken grond van het oude Kranenhout weer verworven om het Landgoed in zijn vorm en functie zoveel mogelijk te herstellen en behouden.